www.boswachtersblog.nl/ Groningen

In mei ……..

13 mei 2017 Boswachter Leon Luijten in Groningen
koekoeksjong

koekoeksjong

‘…..leggen alle vogels een ei, behalve koekoek en de spriet, die leggen in de meimaand niet’ zegt het versje. Met de spriet wordt de kwartelkoning bedoeld en die leggen inderdaad laat, op z’n vroegst begin juni. Maar voor de koekoek gaat dat niet op. De meesten komen begin mei aan, en leggen echt wel in mei. Broeden doen ze niet, dat is alom bekend. Vanwege de achteruitgang van de koekoek in Nederland is 2017 uitgeroepen tot het ‘Jaar van de koekoek’. Een goede reden om eens wat dieper op deze soort in te gaan met eigen belevenissen.

Waarom koekoek het slecht doet in Nederland is niet helemaal duidelijk. Zijn veranderingen door ontbossing of verdroging in het overwinteringsgebied in Afrika de oorzaak? Zijn het de gevaren tijdens de trek naar Europa? Wordt het veroorzaakt door het steeds meer ontbreken van dikke, vette harige rupsen in Nederland? Komt het door de afname van hun gastouders als graspieper? Mogelijk is het een heel complex geheel (klimaatverandering) en loopt mis in de synchronisatie van legtijd van de koekoek met die van hun gastouders.

Karekietennesten

Enkele jaren geleden deed vrijwilliger Martijn een onderzoek naar koekoeken in enkele Staatsbosbeheerterreinen in Oost Groningen. Hij probeerde hiervoor zoveel mogelijk jonge koekoeken te vinden en te ringen. Kleine karekieten worden door veel koekoeken gebruikt als gastouder. Ook makkelijk voor het onderzoek want het is namelijk relatief eenvoudig om nesten van kleine karekiet te vinden. Eén van die gebiedjes, de Veendiepsplassen, nam ik onder mijn hoede. In de Veendiepsplassen is een rietkraag aanwezig in ondiep water. Met oude schoenen aan betrad ik het water om via de buitenkant van de rietkraag nesten te zoeken. Dat is wel zo veilig omdat je geen pad door het riet of de oevervegetatie hoeft te maken. Als bij een plukje riet een karekiet begint te zingen of te alarmeren en dan is het raak. Op ongeveer een halve tot een meter boven de waterlijn kun je het kunstige nestje zien zitten. De slimste karekieten gebruiken ook enkele oude rietstengels om hun nest aan vast te maken. Oude rietstengels zijn houtig en hard, die geven stevigheid tijdens wind en  regen. Maar dan moeten er natuurlijk wel oude rietstengels blijven staan. Jong groeiend riet is buigzaam en waait met alle winden mee, gaat zelfs plat liggen in stormen. Nestjes gemaakt in alleen maar jong riet buigen ver met het riet mee, en in een zomerse onweersbui in juni of juli  mislukt daardoor een groot deel van deze nesten in jonge rietvelden. En niet alleen de kleine karekieten ook de daarin zittende jonge koekoeken.

nest kleine karekiet
nest van kleine karekiet in rietkraag

 

Koekoeksjong

Maar in de Veendiepsplassen wordt het riet niet gemaaid, dus er staat een rietkraag met stevig oud riet en jong riet door elkaar. Ideaal. En er riep een koekoek, want dat moet je ook hebben als je jonge koekoeken wil vinden. Een koekoek houdt in zijn territorium alle eventuele gastouders goed in de gaten en weet precies hoe ver elk paartje karekieten is met nestbouw en wanneer de eitjes gelegd worden. Zijn er twee of drie eitjes gelegd, dan slaat hij toe. In een wip wordt één gastouder-ei uit het nest gepakt en verwijderd (opgegeten) en in een poep en een zucht ligt er een vers koekoeksei tussen die van de adoptieouders. Normaal gesproken komt een jonge koekoek als eerste of tegelijkertijd met de gastouder jongen uit het ei. In een reflex werkt de jonge koekoek zijn ‘zusjes en broertjes’ en nog niet uitgekomen eieren, het nest uit. Ze hebben een holle rug en daarmee drukken ze nestgenoten over de nestrand. Zo zorgt de kleine schrokop voor het alleenrecht op alle eten.

 

legsel kleine karekiet met koekoeksei
legsel kleine karekiet met koekoeksei

Herkenning

Kleine karekieten trappen er geregeld in om een koekoek groot te brengen. Het koekoeksei lijkt ook verdacht veel op dat van een kleine karekiet. Koekoeken leggen eieren die passen bij hun voorkeursgastouders. Een koekoek die normaal bij een karekiet legt doet dat niet bij een graspieper of andere soort, want dan zou het ei teveel afwijken. Martijn vond eens een koekoeksei bij een bosrietzanger. Later was het koekoeksei verdwenen uit het nest. Wat bleek; de bosrietzanger had het ei blijkbaar herkend en weggemoffeld in de nestrand en met nestmateriaal verstopt. Een oplossing voor die vervelende parasiet. Bosrietzangers zijn dus slimmer. En zo gaat de wedloop tussen beide soorten verder. Aanpassen van de eieren om herkenning te voorkomen en het vermogen om vreemde eieren te herkennen. Is de herkenning van de eieren te goed dan delft de koekoek het onderspit. Heggemussen zijn wat dat betreft heel meegaand. Die maakt het niet uit. Als een bont gestippeld ei tussen hun eigen helderblauwe eitjes ligt, broeden ze gewoon verder. Ideaal dus voor koekoeken.

 

Onbevrucht

Het eerste jaar had ik pech in de Veendiepsplassen. Hoewel ik 18 kleine karekietnesten had gevonden werd er dat seizoen geen enkele jonge koekoek geboren. Er werden wel koekoekseieren gelegd. Acht in totaal. Allemaal onbevrucht. Als dit op grote schaal voorkomt, zou dat dan de oorzaak zijn van de landelijke achteruitgang? Ik heb van de meeste nesten een foto gemaakt en dat is eigenlijk een uitzonderlijke situatie, jonge karekietjes met een koekoeksei nog in het nest. En jaar later ging het beter en is minimaal één jonge koekoek succesvol uitgevlogen. Het bakbeest groeit letterlijk en figuurlijk uit zijn geboortewiegje.

kuikens kleine karekiet met koekoeksei
jonge karekieten met koekoeksei

Wil je meer weten over koekoeken en wat je kan doen om te helpen het ’Jaar van de Koekoek’ tot een succes te maken kijk dan op onderstaande websites.

https://www.sovon.nl/nl/jaarvandekoekoek

https://www.vogelbescherming.nl/bescherming/wat-wij-doen/natuurgebieden/het-jaar-van-/jaar-van-de-koekoek

reageren

geef een reactie

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog