www.boswachtersblog.nl/ Texel

Terugblik na bijna 44 jaar werken bij Staatsbosbeheer op Texel

14 mei 2022 Boswachter Erik van der Spek in Texel

Op 1 juni 1978 begon ik als aangespoelde Texelaar bij Staatsbosbeheer te werken, op 15 mei 2022 komt hier door pensionering een einde aan; tijd voor een terugblik. Voor een boswachter is terugblikken een essentiële onderdeel van het werk. Je moet de geschiedenis van de terreinen die je beheert kennen om te snappen hoe het systeem werkt om vervolgens goede keuzes bij het beheren er van te kunnen maken.

Het Eiland

Wat is de geologische ontstaansgeschiedenis; voor Texel is de een na laatste IJstijd waarin de stuwwal van Oost tot voorbij Den Hoorn ontstond een van de bepalende processen. De zeespiegelstijgingen van 6.000 jaar geleden, Texel werd een eiland in een uitgestrekt moeras achter de duinen en 1.000 jaar geleden, de kustlijn kwam achteruit en verbrokkelde, bij Texel tot drie eilanden, zijn de andere belangrijke processen die de huidige situatie bepalen.

Daarna kreeg de mens meer invloed op het landschap, met inpolderingen vanuit de keileem en de duinen en met de aanleg van stuifdijken op het strand. Het agrarisch gebruik van de duinen dat daarop volgde bepaalde mede hoe de duinen zijn geworden zoals Holkema en Thijsse ze beschreven.  Kennis van het vroegere agrarische gebruik is dus van groot belang voor een boswachter. Gelukkig hebben Kees Bruin, Dingeman Imhoff en ik hier oude duinboeren nog over kunnen raadplegen.

Daarna speelden verdere ontginning van de duinen, tot 1908 ook door Staatsbosbeheer, waterwinning, luchtvervuiling, de kustafslag door de aanleg van de Afsluitdijk en het daarop volgende verstarrende duin beheer en uiteraard ook de klimaatsverandering een belangrijke rol bij de afname van de natuurkwaliteit.

Veel natuurbeheer is dan ook gericht op het beperken en zo mogelijk wegnemen van de voor de natuur negatieve effecten van deze menselijke activiteiten. Een deel van de eerdere ontginningen van natuurgebied tot agrarische grond is dan ook weer zo goed mogelijk ongedaan gemaakt.

Ook bij het opstellen van beheerplannen is terugblikken voordat de plannen worden gemaakt/aangepast van groot belang om keuzes voor de toekomst te maken. Vegetatiekarteringen, monitoring van grondwater, insecten, vogels, reptielen, zoogdieren zijn belangrijk bij deze evaluaties.

Terugkijkend is er veel veranderd sinds 1978, toen ik aan het werk van Staatsbosbeheer op Texel mee mocht gaan mee doen. Veel waarvan de natuur van profiteerde en wij als Staatsbosbeheerders trots op kunnen zijn, voor zover wij met ons werk daar invloed op konden uitoefenen. Daarnaast is ook de beleefbaarheid van de natuur verbeterd en dit zo dat het goed samengaat met de bijzondere natuur op Texel. Wel blijft er druk om meer ruimte aan de beleefbaarheid te geven dan voor de natuur in de terreinen verantwoord is.

 Van productiebos naar natuurbos

Om maar te beginnen met de bron van de naam van Staatsbosbeheer. In het bosbeheer is de omslag van productiebos, via multifunctioneel bos (natuur inclusieve landbouw) naar natuurlijk bos zover afgerond dat het nu (grotendeels?) aan de natuur kan worden overgelaten. Het aandeel dood hout is versterkt door van dikke onveilige bomen een zo groot mogelijk deel van de stam te laten staan. De hoeveelheid dood hout, staand en later liggend, is vergroot, maar nog erg beperkt. Zwetende boomlijken, een van de laatste fases in het proces van vergaan, komen nog nauwelijks voor.

Overigens is dood hout een ongelukkige term, het zit vol leven en is essentieel  voor de boslevensgemeenschap. Al met al is de natuurlijkheid van het bos sterk toegenomen, al blijft het vernietigen van bijzondere natte duinheides voor de realisatie van oorspronkelijk bomenakkers ecologisch te betreuren.

Echte natuurlijke bosontwikkeling krijgt nu in een deel van de duinen bewust haar kans. De delen waar dit proces via een onbewuste keuze opgang is gekomen maken hier deel van uit. Hier is oerbos in ontwikkeling, misschien nu met wat minder bijzondere biodiversiteit dan in open duin is te verwachten, maar we weten niet wat ons hier te wachten staat op lange termijn.

Eerst water de rest komt later.

Ook veel van de effecten van andere agrarische ontginningen in de duinen, deels  van voor de oprichting van Staatsbosbeheer, zijn aangepast aan de potentiele natuurkwaliteiten van het gebied. Daarbij is zo breed mogelijk  hydrologisch herstel misschien wel de belangrijkste stap. Water vasthouden in de duinen is daarbij een belangrijke stap, die bovendien betekend dat er minder water richting het gemaal stroomt en in het groeiseizoen langer grondwater beschikbaar blijft voor de buren. Hierbij is het goed samenwerken met het waterschap HHNK. Of de ontwikkeling zover kan gaan dat de drijftillen in natte duinvalleien die Holkema beschreven heeft terug kunnen komen is de vraag. Op kleine schaal begint wel hoogveenvorming weer op gang te komen op verschillende plaatsen. Weer grotere oppervlaktes veen in de duinen, zou het ecosysteem completer maken en bovendien een bijdrage leveren aan de CO2 opslag en het vasthouden van zoetwater.

Grotere kansen die nog te benutten zijn liggen er in De Dennen en de nog te realiseren NNN langs de Rommelpot. In De Dennen kan voortgeborduurd worden op de ervaringen met de herinrichting van de duinrel Tureluur, samen met toen het Waterschap Texel, de ontwateringssloot kreeg een hoger slootbodem, een beekachtige uitstraling met open plekken met een mantelzone langs de bosrand.

Natuurlijke waterveiligheid

De duinen zijn behalve natuurgebied ook waterkering. Een intensieve samenwerking tussen Staatsbosbeheer en de verantwoordelijke voor de waterveiligheid, eerst Rijkswaterstaat nu het waterschap, ligt dan ook voor de hand. In de eerste dertig jaar van het bestaan van Staatsbosbeheer was er nog sprake van een aangroeiende kust. Rijkswaterstaat kon regelmatig nieuwe stuifdijken realiseren op het brede strand. Na de aanleg van de Afsluitdijk veranderde dit in kustafslag. Grote oppervlaktes duin verdwenen in zee, daar ligt dan ook nog kadastraal eigendom van Staatsbosbeheer. Door de kustafslag ontstond ook achter de zeereep een wel zeer dynamisch duinlandschap. Terwijl Rijkswaterstaat de zeereep naar binnen tot een duindijk buldozerde en helm plantte, probeerde Staatsbosbeheer de dynamiek daar achter te beperken. Lang werkten hier grote aantallen Texelaars die toen in de winter geen werk in de toeristische sector hadden aan mee.

Nu de zandsuppleties de kusterosie compenseren en duinerosie voorkomen blijkt dat er wel heel weinig dynamiek in het duin is overgebleven en dat dit in combinatie met o.a. stikstofneerslag de natuurkwaliteit aantast. Gelukkig is ondertussen duidelijk geworden dat levende duinen, waar zand vanaf het strand zijn weg naar binnen kan vinden zowel de waterveiligheid verhogen als de natuurkwaliteit vergroten. Een gekerfde zeereep en binnenduinen met dynamiek zijn veiliger en de natuur is er weerbaarder. Uitgebreid onderzoek met het waterschap en universiteiten heeft ook duidelijk gemaakt dat de Sluftergeul veilig vrij kan kwispelen, ook wanneer ze dan een ruimer gebied zou gaan gebruiken dan ze historisch gedaan heeft. Daarmee ontstaat ook de ruimte voor een proces van natuurlijke verjonging van een deel van de kwelder in De Slufter en daarmee het blijvend behoud van de jonge successie stadia in deze fraaie mislukte polder door natuurlijke processen.

Van duinvallei via weiland naar duinvallei

Staatsbosbeheer ging door op de door de provincie ingeslagen weg van ontginnen van duinvalleien tot weiland. Daarmee stond Staatsbosbeheer ook aan de wieg van de vorming van een agrarische inkoopcoöperatie en stimuleerde het de oprichting van een Boerenleenbank. In 1908 kwam abrupt een einde aan deze ontginningen, Jac. P. Thijsse haalde de directeur van Staatsbosbeheer in het bestuur van Natuurmonumenten en bracht hem tot het inzicht dat een natte duinvallei waardevoller was dan nog meer weiland. Wat landbouwgrond was bleef dat overigens ook. Pas begin jaren 70 kwamen de eerste percelen uit de pacht en is er verschralingsbeheer gestart om de ‘koeienblommen’ (Texels voor paarsbloeiende orchideeën in de wei.) weer in het land te krijgen. Adviseurs zeiden je kan het proberen, maar dat gaat zeker wel 25 jaar duren, zou je daar wel aan beginnen? Als bosbouwer vond Maarten Mantje dat geen probleem, die dacht in veel langere termijnen. Binnen vijf jaar kwamen overigens de eerste paarsbloeiende orchideeën terug in het land. Op Texel zijn de omstandigheden voor natuurherstel gunstig. Richt een gebied zo in dat bodem en water een goede uitgangspositie leveren, dan maakt de natuur er wat moois van.

Van informeren naar participeren

Een belangrijk onderdeel van het werk van Staatsbosbeheer is het geïnteresseerden kennis laten maken met de terreinen, de natuur in deze terreinen, de mogelijkheden om de natuur in de terreinen te beleven en het beheer ervan. Bij het beheer speelt naast informeren ook participeren (betrekken bij het maken van keuzes) een belangrijke rol. Uitdagingen daarbij zijn: de grenzen vanaf het begin duidelijk maken; medezeggenschap kan niet verder gaan dan de zeggenschap die Staatsbosbeheer heeft, is de opdracht om te zorgen voor meer natte duinvalleien, dan kan het wel gaan over wat voor natte duinvallei maar niet over de vraag of er meer natte duinvallei moet komen. Ook is het belangrijk om mensen die mee willen beslissen de informatie te verstrekken die kan helpen een keuze te maken. Een docent van de bosbouwschool stelde al: ‘Inspraak zonder inzicht geeft uitspraak zonder uitzicht.’

Ook is het belangrijk om op tijd te laten weten dat er mogelijk iets gaat gebeuren. Bij voorkeur al op het moment  dat het idee op komt om na te gaan denken over een plan. Net als de beheerders hebben andere mensen de tijd nodig om er over na te denken of een verandering misschien een verbetering kan zijn. Wij mensen zijn in het algemeen tegen verandering, tenzij we die zelf bedacht hebben en dan vinden we het lastig te snappen dat anderen niet ook enthousiast zijn.

Veel ruimte voor participatie was er bij de herinrichting van de Ploegelanden en Bleekerij. Staatsbosbeheer had alleen de opdracht meer ruimte voor de natuur te ontwikkelen en het waterschap wilde water vasthouden. Vier denkrichtingen met de daarbij mogelijke ontwikkeling zijn gepresenteerd, de meedenkers konden zo geïnformeerd met elkaar discussiëren over de mogelijke ontwikkeling en daarna kiezen voor de gewenste ontwikkeling. Die keuze is uitgewerkt tot een plan dat ook weer besproken is en op onderdelen aangepast. De natuur heeft daarna invulling gegeven aan de aangeboden basis voor ontwikkeling.

Via verwondering, naar waardering en bescherming

Mensen kennis laten maken met de terreinen en de bijzondere natuur is een van de leuke kanten van het werk van Staatsbosbeheer. Al ver voor de 2e Wereld Oorlog organiseerde Staatsbosbeheer excursies. Toen dekten de inkomsten nog de kosten van de bewaking van vogelbroedterreinen en uiteraard de excursie zelf. Met de opkomst van de recreatie namen de inspanning op dit terrein toe. De recreatiekaart Texel was de eerste uit deze serie Staatsbosbeheerkaarten en is de enige met informatie over de toegankelijkheid (hellingen, pad kwaliteit) en een kilometernet. Op weg helpen en informeren is een combinatie die veel gebruikt is. Ook in de folders die van veel deelgebieden zijn gemaakt en in de goede tijd verspreid over het eiland via folderbakjes zijn aangeboden. Jaarverslagen en persberichten zijn ondertussen vervangen door berichten via het weblog en korte berichten via twitter en instagram. Twitter blijkt bij storm ook een goed communicatiemiddel, b.v. om van bezoekers informatie te krijgen over locaties met omgevallen bomen over de paden.

Natuur voor iedereen

Het Natuurpad voor blinden en slechtzienden in De Dennen, dat zelfstandig gelopen kon worden wanneer je naar het beginpunt was gebracht is veranderd in het natuurpad Alloo. Wie met de bus kan reizen kan er zelfstandig naar toe, het pad is ook per rolstoel te gebruiken, er kan een kort en een langer rondje worden gemaakt en het landschap is gevarieerder. Al is het pad ondertussen dringend aan renovatie toe. Daarnaast zijn bijna alle uitkijkpunten drempelvrij toegankelijk gemaakt en de meesten zijn ook per rolstoel toegankelijk. Ook De Slufter is met een rolstoel te bezoeken, de toiletten in De Dennen en een van de barbecueplekken ook. Algemeen beleid is dat er bij aanleg van recreatieve voorzieningen geen onnatuurlijke drempels mogen worden toegevoegd en dat bij groot onderhoud bestaande drempels zo veel als redelijk mogelijk is worden verwijderd. Ook is de recreatiekaart voorzien van informatie waarbij iedereen kan weten welke hindernissen, zoals categorie hellingen en pad kwaliteit (van verhard tot ruig), je kan verwachten en kan kiezen welk pad er bij jouw past. Jammer genoeg is het niet gelukt de Bertnusnol drempelvrij toegankelijk te krijgen door weerstand in de samenleving.

Recreatieve voorzieningen gewaarborgd

Staatsbosbeheer weet op Texel beschermen van hoge natuurwaarden te combineren met veel mogelijkheden om die natuur te beleven en er belevenissen te hebben. Staatsbosbeheer heeft van oudsher op Texel veel recreatieve voorzieningen, lang niet altijd hebben die een relatie met het bezoek van de terreinen van Staatsbosbeheer zoals de strandslagen en parkeerterreinen bij het strand en een aantal wegen. Andere voorzieningen hebben die relatie wel zoals de fietspaden, toiletten en recreatieterreinen. Zolang dit bij de Rijksopdracht hoorde was deze taak goed uit te voeren, al was er makkelijker geld te vinden voor aanleg dan voor onderhoud.

Daarna ontstond er een probleem voor de BV Texel, geleidelijk aan versleten de voorzieningen zonder dat vervanging mogelijk was. Opruimen zou de recreatieve kwaliteit van Texel ernstig verminderen. De toiletten in De Dennen konden vervangen en onderhouden worden dank zij het Nationaal Park Duinen van Texel. Voor wegen, parkeerterreinen en fietspaden is er nu een oplossing doordat de Gemeente Texel het parkeervignet ook op de parkeerterreinen van Staatsbosbeheer van toepassing mag laten zijn. Met de inkomsten van dit vignet konden de kosten worden gedekt van fietspaden, wegen en parkeerterreinen, bovendien kan de gemeente wel gebruikmaken van subsidies die voor Staatsbosbeheer niet toegankelijk zijn. De eerste fietspaden zijn ondertussen vernieuwd, vlak voor dat ze zo onveilig zouden worden dat ze afgesloten moesten worden.

Samenwerken

Samenwerken is voor Staatsbosbeheer niets nieuws. Boswachter Min werkte al samen met zijn collega van Rijkswaterstaat terwijl ze door de duinen liepen om werk te controleren namen ze ook het werk mee dat in dat deel van het gebied in opdracht van de collega werd gedaan. Samenwerken is ondertussen veel intensiever en breder. Een heel oude samenwerking is er met de brandweer, bij natuurbrand functioneert Staatsbosbeheer als verkenner voor de brandweer, tegenwoordig in samenwerking met hun eigen verkenningsvoertuig.

Een bijzondere samenwerking was er ook via Stichting Duurzaam Texel, begonnen als Werkgroep Duurzaam Toerisme, een organisatie die zichzelf kon opheffen omdat deze aanjaagrol niet meer nodig was. Natuureiland Texel is één van de producten die deze samenwerking heeft opgeleverd. En dit weer samen met een ander samenwerkingsverband het Nationaal Park Duinen van Texel, dat ook een belangrijke rol speelt bij de participatie rond het beheer van dit gebied. Een ander meer recent voorbeeld is het project Boeren Burgers en Visserlui waarmee subsidies voor investeringen op De Hoge Berg en de haven zijn gerealiseerd. Het project om het beheer van graslanden op de Hoge Berg zo aan te passen dat de insecten die bij de natuur horen wel te combineren zijn met de schapenhouderij is daar een onderdeel van. De belangrijkste samenwerking vindt uiteraard nog steeds plaats binnen het team van boswachters, ieder voor zich komen we niet erg ver, samen leveren we ‘gnap’ werk.

Werken bij Staatsbosbeheer

In 1978 werkten er bij Staatsbosbeheer op Texel een keer zoveel mensen als nu plus nog een stuk of 7 seizoen vogelwachters en tot 100 mensen die in de winter zonder werk zaten. Een deel van het werk wat we toen deden is verdwenen: beheer van dienstwoningen, camping Woutershok, kooiker, detachering bij Ecomare en de boot op de Waddenzee. 8 collega’s waren tevens opsporingsambtenaar; onbezoldigd Rijksveldwachter. Kleding was er in twee soorten, voor het terreinonderhoud en een andere versie voor omgang met publiek en leidinggevenden. Voor het onderhoud werd nog net een corduroybroek gebruikt die bij nat weer uitgetrokken rechtop bleef staan. Wat dat betreft is de kleding  aanzienlijk verbeterd, al missen we de eerder in het pakket aanwezig gore tex jas nog steeds net als de Fjäll Ravenbroeken die tijdelijk in het pakket zaten; niet elke verandering is een verbetering.

Wat aanzienlijk veranderd is, is de administratie. Niet alleen steeds meer digitaal, maar vooral sterk gedecentraliseerd naar de beheereenheden; alleen de tekenbevoegdheid is weer naar boven verhuist. Overigens was dit in het verleden veel erger. Voor de verkoop van overtollig keuken materiaal (voor de in de 1e WO geïnterneerde Belgische militairen die in het bos werkten) moest de boswachter via de houtvester en directeur toestemming van de minister krijgen.

Kennisdelen

Kennisdelen heeft binnen Staatsbosbeheer oude papieren. Boswachter Min ging al jaarlijks een week bij een collega kijken en kreeg een andere collega’s op bezoek en alle boswachter kwamen een paar dagen bij elkaar om van elkaar te leren. Kennisdagen, snuffelstages, Staatsbosbeheer academie, Natuur Wetenschappelijk Archief, bibliotheek, Veldwerkplaatsen, Eurosite Workshops; de mogelijkheden om kennis te delen zijn talrijk. De zelfdiscipline om deze kennis te benutten en aan te vullen blijft een uitdaging, maar de tijd die je investeert verdiend zich terug doordat je vooral nieuwe fouten maakt en de oude niet herhaalt.

Overigens in 1978 bestond bij Staatsbosbeheer de functie boswachter al lang niet meer. Oorspronkelijk was dit de functienaam van de leidinggevende van de boswachterij, Boswachterij Texel werd Boswachterij Westermient en Boswachterij De Koog en weer later opnieuw Boswachterij Texel, via district Texel nu beheereenheid Texel. De leidinggevende van boswachter, bosbouwkundig hoofdambtenaar 4e klasse, districtshoofd nu teamleider. En iedereen die voor Staatsbosbeheer buiten werkt en geen teamleider is nu boswachter met specialisatie beheer, ecologie of publiek.

Bedankt voor de samenwerking, het ga jullie goed.

Erik van der Spek

reageren

geef een reactie

  • jacquelien daansen
    15 mei 2022 om 11:30

    Hoop dat je nog lang kan genieten van je pensioen Erik!!

    Ik wens je alle goeds!!

    De natuur zal je vast niet loslaten!!!

  • Harry de Graaf
    15 mei 2022 om 11:24

    Precies vandaag begint dus je pensioengerechtigheid. Met veel genoegen en instemming heb ik je uitgebreide verhaal gelezen en geprint om het aan anderen te kunnen doorgeven want het is leerzaam, onverdacht betrouwbaar en het getuigt van oprechte betrokkenheid bij alles wat met natuur en landschap van Texel heeft te maken. Overigens kreeg ik die indruk al bij de contacten die ik in de loop der jaren als journalist met je had. In ‘jouw’ terreinen waren de Texelse Kernwaarden in elk geval in goede handen voor zover je daar invloed op mocht hebben. Van de gelegenheid maak ik gebruik om je te danken voor de jarenlange steun aan onze stichting Nieuw-Guinea die de opleiding bekostigt van armlastige kinderen in Papoea, een blijk van maatschappelijke betrokkenheid. Hopelijk blijf je inwoner van dit bevoorrechte eiland, actief zo lang je gezondheid het toelaat.

  • Jaap van de Gevel
    14 mei 2022 om 09:56

    Mooi afscheidswoord Erik, en nog van harte dank voor het mogen inzien van de dagboeken van mijn grootvader Klaas Min, de eerste “ boswachter “ van 1893 tot 1912! Jij hebt zeker een grote bijdrage geleverd aan een prachtig eiland. Ieder bezoek is voor mij een beetje thuiskomen…. Het ga je goed!

    • Hans Zuidema
      15 mei 2022 om 10:28

      Wat een interessant en leerzaam afscheidswoord van iemand die zo lang en zo serieus bij het werk in de natuur betrokken was.

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog