www.boswachtersblog.nl/ Overijssel

Heide maaien voor meer structuur

10 februari 2020 Boswachter Jos Kloppenburg in Overijssel

Op De Vier Bergen, een heideveld in de boswachterij Staphorst, zijn onlangs kleinschalig en selectief banen gemaaid door oude heide die in verval raakte. Op de luchtfoto zijn die banen goed te zien. Zo kunnen de gemaaide heidestruikjes opnieuw uitlopen en de zaden van o.a. struik- en dophei kiemen. Voorafgaande aan het maaien is door een collega-boswachter een flora en faunacheck uitgevoerd om bijvoorbeeld mierenhopen en bijzondere planten uit te linten om die te sparen. Om het kenmerkende open karakter van heide te behouden en te voorkomen dat heide bos wordt, is het plaatselijk ook nodig om jonge boompjes te verwijderen. Dat wordt meestal handmatig gedaan door schoolklassen en op de natuurwerkdag onder begeleiding van boswachters. Buiten het vogelbroedseizoen doen dat ook regelmatig verschillende leden van de natuurbeschermingsvereniging IJhorst-Staphorst.

Iedereen heeft er wel een beeld bij, maar wat is heide eigenlijk? Onder heide verstaan we een aaneengesloten terrein met vegetatie die voornamelijk bestaat uit dwergstruiken uit de heidefamilie. In de Staatsbosbeheergebieden in het Vechtdal is heide vooral te vinden in de boswachterijen Staphorst, Ommen en Hardenberg en bij het Junnerkoeland (Calsum).
Je hebt droge heide die vooral bestaat uit struikhei en bochtige smele, een grassoort. Plaatselijk kan daar ook kraaihei, brem en jeneverbes voorkomen. Natte heidevelden worden gekenmerkt door dophei (Erica), pijpenstrootje (een grassoort) en plaatselijk zonnedauw.

Half-natuurlijk landschap

Heide is eigenlijk een half-natuurlijk landschap, dat is ontstaan door begrazing en het afplaggen. De heideplaggen werden gebruikt in de veestallen (potstallen: tot begin 20e eeuw). Vermengd met de uitwerpselen van het vee werden die gebruikt als mest op hun akkers (enken, essen). Door de intensivering van de schapenteelt in de Middeleeuwen (jaren 500 – 1500) zijn de grote heidevelden en ook zandverstuivingen ontstaan waarin zelfs geen boom meer was te vinden. Die werden voor brandhout gebruikt. Naar natuurwaarden werd toen niet gekeken.

Natuurwaarden

Je kunt heide onderscheiden in vier fasen of stadia: pioniersfase, opbouwfase, volwassen fase en afsterffase. Hoe meer fasen in een heidegebied aanwezig zijn, hoe structuurrijker, hoe soortenrijker en hoe robuuster de groeiplek van heide (habitat) is. Door die grote variatie heb je een hoge natuurwaarde en biodiversiteit (verscheidenheid aan soorten). Met structuurrijk wordt bedoeld: een grote variatie in leeftijd aan heideplanten, zandige plekken, hier en daar een dode of markante boom/struik (brem, jeneverbes) en planten zoals pijpenstrootje. Zo blijft de heide in zijn geheel ook vitaler.

Nachtzwaluw vertrouwend op zijn schutkleur.

Dieren die profiteren van structuurrijke heide

Structuurrijke heide biedt micromilieus. Dat zijn zeer kleine gebiedjes waarbij alle omstandigheden gunstig zijn voor een soort; denk aan plekken om bijvoorbeeld te schuilen en te zonnen. Dat is van belang voor koudbloedige dieren zoals de adder en de levendbarende hagedis. Mestkevers, zandbijen, sprinkhanen en vlinders profiteren daar ook van. Specifieke vogelsoorten van de heide zijn de boompieper, boomleeuwerik, roodborsttapuit en de zeldzame nachtzwaluw die daar broedgelegenheid, voedsel en rust vinden. En ’s winters is de kans om daar een klapekster te spotten.

Heide voor nu en toekomstige generaties

Als half-natuurlijk landschap zullen wij, Staatsbosbeheer, van tijd tot tijd afwegen waar en wanneer het wenselijk is om een heideveld deels te maaien of te plaggen. Daarmee doorbreek je de gelijke leeftijd van de heide en kun je, ook naar de toekomst toe, een structuurrijke en vitale heide behouden met een hoge natuurwaarde en biodiversiteit waarvan ook onze bezoekers kunnen blijven genieten.

reageren

geef een reactie

  • Kai Schipper
    21 februari 2020 om 19:03

    Haha, die luchtfoto van dat her-gestructureerde heideveld… Prachtige opname. Het lijkt wel alsof er een letterzetter aan het werk is geweest. In dit geval betekend dat, dat “organische” routes bepalend zijn voor het beeld. Enigszins chaotisch edoch gestructureerd. Zoals het behoord te zijn.

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog