www.boswachtersblog.nl/ Achterhoek

(J)oehoe!

6 mei 2020 Boswachter Doreen Rugers in Achterhoek

Ook dit jaar weer broedt de oehoe in de steengroeve van Staatsbosbeheer in Winterswijk. Samen met de oehoewerkgroep en een paar behendige klimmers hebben we eind april de kuikens van de grootste uilensoort van Nederland weer geringd. Een bijzondere uil en een bijzondere broedplaats maakt het ringen van deze jonge uilen extra.... bijzonder!

Midden in het prachtige coulisselandschap van Winterswijk in de Achterhoek ligt het natuurgebied Willinks Weust dat bij veel mensen beter bekend is als ‘de steengroeve’. Naast een nog actieve steengroeve ligt ook een groeve die niet meer in gebruik is en onderdeel uitmaakt van natuurgebied Willinks Weust.  Voorheen werd er kalk gewonnen, nu mag de natuur er weer zijn gang gaan, het natuurgebied is niet toegankelijk voor het publiek. Deze voormalige steengroeve is om te zien een heel exotisch stukje Nederland én ook nog eens broedplaats van de grootste uil, de Oehoe. Al ruim 15 jaar broedt de Oehoe in de steengroeve. Dit is erg bijzonder omdat er in Nederland zo’n 40 territoria bekend zijn. De oehoe voelt zich blijkbaar thuis op deze plaats, want ze komen tot nu toe elk jaar weer terug.

Ringen in een steengroeve… hoe doe je dat?

Ook dit jaar zijn er weer jongen, 3 stuks. Moeder oehoe was ook in de buurt en heeft het ringen vanaf de bosrand goed in de gaten gehouden. De rotswand van de steengroeve is een ideale broedplaats voor de oehoe, maar maakt van het ringen wel extra bijzondere klus, deze haal je niet met een laddertje even uit het nest.

 

(foto G.Wassink)

Een gezekerde klimmer is de rotswand afgedaald en heeft de jongen voorzichtig in een rugzak gedaan en zo meegenomen naar beneden. Eenmaal beneden zijn de jongen geringd, gewogen en gemeten. Ondanks dat de jongen nog relatief klein zijn is al goed te zien hoe groot deze uilen worden. Zelf ben ik wel eens vaker bij het ringen van kerk en steenuiltjes geweest, maar dat is niks bij een oehoe-jong, de snavels en poten zijn al enorm groot!

 

(Foto. M. Wiggemans)

De oehoe is namelijk de grootste uil ter wereld, hij heeft een lengte tot wel 75 centimeter en een spanwijdte tot 170 / 180 cm. De vrouwtjes zijn groter dan mannetjes. Oehoe’s zijn goed te herkennen door hun grootte, de oranje ogen en oorpluimpjes die rechtop staan wanneer er iets aan de hand is. Het vrouwtje blijft bij de jongen en het mannetje jaagt en samen krijgen ze gemiddeld twee tot vier kuikens. In Winterswijk zijn er nu 3 jongen, waarschijnlijk mannetjes.

(Foto G.Wassink)

Door de kuikens te ringen zijn ze goed te herkennen en kunnen ze beter in de gaten gehouden worden. Het ringen duurde ongeveer een uur, de jongen zijn daarna door de klimmer weer omhoog gebracht en weer terug in het nest geplaatst. Verder laten we deze vogels zo veel mogelijk met rust de komende periode. De jongen worden nog lange tijd verzorgd door hun ouders. Ook als de kuikens eenmaal kunnen vliegen blijven ze nog lange tijd in de buurt, pas in het najaar gaan de jongen zelf op zoek naar nieuw territoria, soms wel 150 km verder!

(Foto M.Wiggemans)

reageren

geef een reactie

  • Han Messie
    21 mei 2020 om 09:19

    Reuze dat er weer verschillende oehoeparen in ons land zijn. Midden vorige eeuw kwam deze vogel helemaal niet meer in Nederland voor.

  • Lies Smit
    8 mei 2020 om 03:22

    Leuk te horen dat mijn geliefde uilensoort nog steeds in de Steengroeve broedt, ik heb het destijds heel erg jammer gevonden, dat er géén webcam meer was bij de oehoe in Winterswijk. Hartelijk dank voor uw bericht. Groeten Lies.

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog