www.boswachtersblog.nl/ BuitenPlaatsen

Here's something for the weekend #198

26 februari 2016 Kunsthistoricus Marcel van Ool in BuitenPlaatsen

Het Nederlandse landschap is op veel plaatsen sinds pak ‘m beet 1995 sterk veranderd. Er heeft bijvoorbeeld grootschalige bosomvorming plaatsgevonden. Die was gericht op meer soorten bomen in het bos en ook meer dood hout (want goed voor bijvoorbeeld insecten en zo ook voor vogels en andere dieren). Een dennenakker met louter productiefunctie is een stuk zeldzamer geworden. Sinds de economische crisis van 2008 en de bezuinigingen staan inkomsten uit hout echter weer veel hoger op de agenda.
Wat we ook in die tijd zagen: grote rivieren die veel meer ruimte kregen, die soms zelfs landbouwgebieden mogen innemen. Dat bleek een stuk veiliger te zijn dan het water in een smalbedijkte bedding zo snel mogelijk naar zee af te voeren.
In de periode 1995-2008 kreeg de ruimtelijke ontordening van Nederland zijn beslag. Voor iedereen zichtbaar in de vorm van stompzinnige bedrijventerreinen die alleen maar gerealiseerd werden omdat er geld verdiend kon worden met de aanleg.
De door sommige landschapsarchitecten zo gevreesde ‘verpaarding’ -heel het land afgerasterd met witte en blauwe linten, op elk perceel een paardenbak en veel verkeer eromheen – viel best mee. (Of zette niet door, na 2008).
Heel wat landbouwgrond kreeg een nieuwe bestemming: woonruimte, bedrijventerrein, nieuwe natuur. Dat gebeurde vaak met valide argumenten. Veiligheid, werkgelegenheid, huisvesting, aaneensluiting van versnipperde natuurgebieden, daar is het lastig tegen zijn. Ondertussen blijft er getekend worden aan ‘nieuwe kaarten van Nederland’. In eerste instantie ben ik voor. Omdat er dan op z’n minst regie en overzicht is op landelijke schaal. Waar ik niet tegen kan, is hoe er soms gepraat wordt over gebieden alsof daar geen mensen wonen die hun landschap het mooiste plekje op aarde vinden. Ik hoor nog steeds ‘ach, dat Zuid-Limburgse, daar is elders in Europa nog genoeg van’. Nu klopt dat puur inhoudelijk niet, maar nog veel erger, met dat soort uitspraken ga je volledig voorbij aan de sense of place. Mensen hechten zich aan hun plek. Daar moet je je rekenschap van geven als je er iets over zegt, en helemaal wanneer er iets over beslist wordt.
Sense of place, sommigen noemen het ’topofilie’ (liefde voor de plek) maak je kapot met te veel en te snelle veranderingen. Daarmee zeg ik niet dat er niks kan. De loop van de beek ligt niet vast, om maar een metafoor te gebruiken. Het gaat om schaal en ritme, en die zijn niet overal gelijk. Het is juist de Gleichschaltung daarvan die uiteindelijk de ellende oplevert. Recht doen aan de plek, dat is de kunst.[youtube https://www.youtube.com/watch?v=Z0m4QWo2-nQ]
Deze week noemde ik al twee keer Chris de Stoop en zijn boek Dit is mijn hof. Ondertussen zag ik ook beelden van de onttakeling van dorpen op de (Belgische) linker Schelde-oever. Terwijl de omgeving op een oorlogsgebied lijkt, plaatsen achtergebleven bewoners bordjes voor hun ramen: “Dit pand is nog steeds bewoond.” Niet in Nederland, dacht ik nog. Totdat ik de videoclip zag van broeder Dieleman. Voor zijn vorig jaar verschenen album en boek Uut de bron maakte hij Lovenpolder, Boerengat. Broeder Dieleman schrijft: “In de Lovenpolder [bij Terneuzen] lag het buurtschap Boerengat, waar mijn overgrootvader Jan Pladdet woonde. De huizen van dit buurtschap moesten in 1995 plaatsmaken voor de fabriek Dow Chemical en het hele Boerengat werd met de grond gelijk gemaakt.”

reageren

geef een reactie

  • Meta
    26 februari 2016 om 13:34

    Moerdijk is ook zo’n plek (nog niet weg, maar…)

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog