www.boswachtersblog.nl/ Groningen

Nieuwe Vogelatlas

4 december 2018 Boswachter Leon Luijten in Groningen

Vorige week is de nieuwe Vogelatlas gepresenteerd. Door ruim 2000 vogelaars samengebrachte vogelgegevens, samengevat in een kloeke pil. De atlas is ‘n keer zo dik als de vorige zomer- en wintervogelatlas. Deze keer in kleur waardoor veranderingen beter weergegeven kunnen worden. De vogelsoorten en aantallen worden gepresenteerd over 1769 in gelijke vlakjes (uurhokken) verdeeld Nederland. Een prachtboek wat elke natuurliefhebber in het algemeen, elke vogelliefhebber in het bijzonder, elke beleidsmaker van de openbare ruimte en elke boer zou moeten lezen. Ook Groningse natuurgebieden van Staatsbosbeheer werden geteld. Door vrijwilligers en tellers die soms van verrassend ver kwamen om onze mooie provincie in kaart te brengen.

Mijn eerste vogeltje

Op mijn zevende of achtste (of zo) heb ik bewust mijn eerste vogel op naam gebracht. Ik ken ‘m vanaf plaatjes in boeken, maar nu zag ik ‘m echt. Het was een Kuifmees. Een paartje in naaldbomen voor het huis haalde acrobatische capriolen uit. Dat was nog in Noord Brabant. Kuifmezen zitten nog steeds in het uurhok (5×5 km) van mijn geboortegrond. De overwegend rode vlekken in het kaartje op blz. 410 laat zien dat Kuifmezen achteruitgaan in aantal en verspreiding. Vermoedelijk een gevolg van de keuze van veel terreinbeheerders om uitheems naaldhout plaats te laten maken voor meer inheems loofhout.

Grote verandering

In de afgelopen 40 jaar heeft de vogelstand een grote verandering doorgemaakt. Enkele soorten zijn verdwenen als broedvogel. Dit zijn meestal voedselspecialisten of broeden alleen in specifieke onder grote druk staande terreintypen. Andere soorten zijn toegenomen of nieuw verschenen. Van sommige soorten zou je dat 25 jaar gelden niet gedacht hebben. Ik had niet verwacht dat Kraanvogels, Wilde zwanen of zoveel Slechtvalken (>130 paar) in Nederland zouden gaan broeden. De nieuwkomers zijn meestal flink uit de kluiten gewassen of ze krijgen van ons een steuntje in de rug. Als dat klopt dan gaan dus vooral voor de mens zichtbare soorten een kleurrijke toekomst tegemoet. Van sommige soorten verandert het verspreidingsbeeld als gevolg van klimaatverandering. De Cetti’s zanger rukt steeds verder op (of zou dit komen door steeds geschikter worden van broedbiotoop door ruiger worden van moerassen) en het wachten is op een broedgeval van de Slangenarend.

Deel van de soorttekst Kuifmees

Vooruit of achteruit

De meeste moerasvogelsoorten zitten in de lift. De moerassen rond de stad Groningen pieken er keurig positief uit. Met toename van Roerdomp, Baardman, Snor en veel andere moerasvogels. De Blauwborst manifesteert zich als typische broedvogel van nieuwe, natte natuur getuige de overwegend blauwe vlekken van toename in Noord-Nederland. Het beschermingsplan Moerasvogels en de inrichting van de NNN (Natuur Netwerk Nederland, voorheen EHS) spelen hierin een grote rol. Het inrichten van goede biotopen en goed beheer heeft een snel en gunstig effect op onze broedvogels. Dat zien we ook terug in veel bosvogelsoorten. Met name in Groningen hebben deze soorten een ruimere verspreiding gekregen. Meer bossen en ouder wordende bossen spelen Appelvink, Boomklever en de altijd vrolijke Groene specht in de kaart. Broedvogels van het agrarische cultuurlandschap hebben het zwaar te verduren. Hier zijn zware klappen gevallen. In hoofdstuk 3, blz. 35 en verder, wordt keurig uit de doeken gedaan wat de oorzaken zijn. Wonderwel zijn juist in Groningen de boerenlandvogels plaatselijk toe genomen. Waarom dat is mag u zelf ontdekken in het boek.

Broedvogelverspreiding over diverse perioden

Geelgors, grote tegenstelling

Geelgorzen hebben de afgelopen jaren een grote voortuitgang doorgemaakt in Groningen. In Noordoost-Nederland laat de soort een grote toename zien. Terwijl in Zuid-Nederland de soort steeds verder is afgenomen. De soorttekst leert dat de toename in Noordoost-Nederland vermoedelijk wordt veroorzaakt door uit productie nemen van landbouwgrond, door meer natuurvriendelijk beheer en aanplant van bomen.

Kaarten Geelgors. Links relatieve dichtheid en rechts relatieve verandering dichtheid.

In het boek worden ook de overwinterende vogels behandelt en passeren ook doortrekkers de revue. Daar heb ik het nu niet eens over gehad. Later misschien want die 640 pagina’s lees ik eenmaal niet in één week door.

reageren

geef een reactie

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog