www.boswachtersblog.nl/ Texel

Klokjesdikpootbijen hebben een voorpost op Texel

28 juli 2020 Boswachter Erik van der Spek in Texel

Het laatste stukje poot is relatief dik, samen met vleugeladering maakt dit een dikpootbij. Rozige haren achterpunt en voedselplant completeren de klokjesdikpoot en de stuifmeel aan de poten zeggen dat het een vrouwtje is.

Op Texel is het nu tijd voor bloeiende grasklokjes en dus voor klokjesdikpootbijen. Klokjesdikpootbijen zijn vooral te vinden op De Hoge Berg, maar ook in de Bollekamer. Van andere plaatsen, m.u.v. De Schans, met grasklokjes zijn ze niet bekend. Het is niet uitgesloten dat deze bijzondere bij in Den Burg in tuinen met klokjessoorten ook te vinden is.

Klokjesdikpootbij

Grasklokjes zijn een belangrijke stuifmeelbron voor insecten. De larven van de klokjesdikpootbij leven zelfs alleen van stuifmeel van klokjes. De populatie van deze bijen op Texel is bijzonder. De klokjesdikpootbij is verder een soort van de hogere gronden in Oost-Nederland. De Texelse populatie heeft zich hier waarschijnlijk dankzij de Hoge Berg kunnen handhaven toen tussen 5500 en 3000 jaar voor Christus de zeespiegel steeg en het gebied tussen Texel en Drenthe in laagveenmoeras veranderde.
De klokjesdikpootbij lijkt moeilijk nieuwe groeiplaatsen van klokjes te kunnen bereiken. Zo hebben ze na de restauratie de 900 meter naar de Schans ondanks de vele grasklokjes daar pas in 2009 weten te overbruggen.

In de duinen komt het grasklokje het meest voor in De Bollekamer. Sinds Staatsbosbeheer deze duinen daar laat begrazen komen ze meer en beter verspreid door het gebied voor. De koeien en paarden zorgen niet alleen voor de juiste leef omstandigheden maar verspreiden ook de zaden. Ook hier zit een populatie klokjesdikpootbijen.

Bloembezoek, maakt het vrouwtje makkelijk benaderbaar. Dat wil nog niet zeggen dat ze er op in gaat.

Uitwisseling

Voor de kleine populatie in De Bollekamer zou het goed zijn wanneer er uitwisseling met de populatie op de Hoge Berg mogelijk zou worden. Door de tuinwallen tussen de Hoge Berg en de duinen zo te gaan beheren dat hier weer grasklokjes kunnen gaan groeien, kan dat mogelijk worden gemaakt. Ook als de klokjesdikpootbij er geen gebruik van zou maken wordt het Texels landschap er mooier van.

Grasklokje

Het grasklokje is een uitbundige zomerbloeier, die nu langzaam in bloei begint te komen. Net als alle klokjessoorten is het een beschermde plant. De planten zien er zo aantrekkelijk uit dat het plukken een bedreiging vormt. Op Texel zijn grasklokjes vooral bekend van de tuinwallen op de Hoge Berg. Tussen het verdroogde gras vallen de plukken blauwe bloemen erg op. Minder bekend is ze dat ze bij het juiste beheer ook in de weilanden op de Hoge berg kunnen voorkomen. In oud schraal grasland dat eind mei door hooien of beweiden kort is en dat daarna tot half augustus ongestoord mag groeien kunnen ook veel grasklokjes voor komen. Ook zijn er grasklokjes in de duinen te vinden.

Rondbladig

Grasklokjes danken hun naam aan de klokvormige bloemen en de lange draaddunne bloeistengels. De wetenschappelijke naam wijst een heel andere kant op, vertaald betekend die rondbladig klokje. Voor de bloei bestaat het grasklokje uit een bladrozet. De planten staan zoals ook bij de paardenbloem boven op de wortels bij elkaar. De rozetbladen zijn hartvormig aan een steeltje. Vergeleken met de langwerpige bladeren van de andere soorten klokjes lijken ze min of meer rond. Door de bladrozet is het grasklokje voor de bloei kwetsbaar door concurrentie van hoog op groeiende planten. De rozetten kunnen verstikt worden. Maaien of beweiden van tuinwallen is dan ook van groot belang voor de grasklokjes. Daarom maait Staatsbosbeheer elk jaar een deel van de tuinwallen langs de buurtweggetjes op de Hoge Berg. Sinds het invoeren van het maaibeheer is de hoeveelheid grasklokjes en andere bloeiende planten op de tuinwallen sterk toegenomen.

 

Boswachter Erik van der Spek

reageren

geef een reactie

i

Mis geen enkel bericht van dit boswachtersblog